© René Franquinet (2012-2016)    Ontworpen in Serif WebPlus     info@questionit.nl


Question it
Question it

Informatica, wie weet wat het is?  (5)


(mei 2011)

De curieuze geschiedenis van CODI laat nog meer bijzonderheden en eigenaardigheden zien: het vak informatica is oorspronkelijk een keuzevak dat in alle profielen gekozen kan worden. Het is niet gekoppeld aan een bepaald profiel en kan in het vrije deel gekozen worden. Dat betekent dat het vak geschikt moet zijn voor alle soorten leerlingen, van uitgesproken alfa tot puur bèta en alles wat daartussenin zit. Dat betekent dus ook dat de docent dit vak moet aanbieden aan al deze typen leerlingen. We zijn daarmee weer terug bij de opvatting van het gemengde brugklas-systeem, dat op den duur (ook) niet werkbaar bleek.

Voor het slagen van een leerling heeft het vrije-keuzevak daarom niet minder waarde: je moet er evenzogoed een voldoende voor halen, maar het is voor de leerlingen meer een vak dat ze uit interesse kiezen om extra uren mee te vullen. Soms ook wordt de keuze voor informatica gemaakt omdat men doorfluistert dat het niet zo moeilijk is en een voldoende er altijd wel in zit. Dit laatste zal slechts tijdelijk helpen, want bepaalde onderdelen van het vak zijn (als ze door de docent serieus behandeld worden) van dien aard dat er hard voor gestudeerd en gewerkt moet worden om een 6 te halen. Ook is er in het geheel gezien een gezonde dosis logisch en structureel denken voor nodig.

Bij de herziening van het programma voor de Tweede Fase in 2007 zijn er twee dingen gebeurd: het aantal uren ging omhoog en het vak kreeg de status van advieskeuzevak voor het profiel NT. Dat laatste nu is een merkwaardige zet: hoe kun je een vak dat van origine voor alle profielen geschikt moet zijn, een advieskeuzestatus geven voor een uitgesproken bèta-profiel? Dat kan feitelijk alleen als je er aparte klassen voor kunt maken met een apart, meer bèta-georiënteerd lesprogramma. Dat is een utopische situatie en ze komt naar mijn weten dan ook niet voor. Zou je het toch per se willen, vraag dan maar aan de rekenfreak onder de directieleden wat zo’n klas apart extra kost en ga dan op zoek naar een sponsor.

Deze stap heeft de vraag naar de status van het vak dwingender gemaakt. Iedereen was en is ervan overtuigd dat ict en informatica niet meer uit het moderne leven weg te denken zijn, maar welke rol speelt informatica in de bovenbouw van het Havo en Vwo nou daarin? Hoe kun je een vak, dat door geen enkele vervolgopleiding als noodzakelijk voor toelating tot een bepaalde studie omschreven wordt, zodanig verkopen dat het die indruk wel wekt? Een briljante leerling in de bovenbouw van het Vwo kan een briljante informaticus worden zonder het vak in de bovenbouw gevolgd te hebben. Dat deze vergelijking scheef gaat, begrijp ik ook wel, want een chirurg, advocaat, piloot &c heeft ook niet meteen een voorspecialisatie op het VO gevolgd.

slot